Maandelijks archief: januari 2022

Verdriet

.

De tranen spatten uit haar ogen, haar smalle schouders schokken, woest wrijft ze haar haren uit haar gezicht. Het is de derde keer die dag dat ze voor me staat. Tussen haar snikken door vertelt ze wat er nu weer gebeurde: ze viel en toen kwam haar vinger tussen het wiel van de fiets, of haar kar is afgepakt terwijl ze hem toch echt zelf uit de schuur had gehaald, of haar vriendinnen begrijpen haar niet en zijn nu boos terwijl ze het natuurlijk helemaal niet zo bedoelde, of …. . De gebeurtenissen buitelen telkens weer over elkaar heen.

Verdrietige dagen

‘Het is vandaag maar een verdrietige dag’, zeg ik. ‘Ja’, beaamt ze met een laatste diepe snik, ‘het is een erg verdrietige dag’. En ineens, zonder dat ik daar van tevoren over nadacht vertel ik dat ik ook een beetje verdrietig ben. Dat 2 dagen geleden onze poes zomaar ineens doodging, dat ze omviel en dat we haar toen een spuitje hebben moeten geven bij de dierenarts. ‘Was je poes ziek?’ vraagt ze. ‘Ik denk het wel maar we wisten het niet.’ Even kijkt ze bedachtzaam voor zich uit, ze wiebelt heen en weer van het ene been op het andere en neemt dan een besluit: ‘Ik denk dat ik vanmiddag maar niet bij Jill ga spelen’. Daarvoor is er te veel verdriet, begrijp ik.

De afgelopen anderhalf jaar zat ze samen met haar tweelingzusje in dezelfde klas. Dit schooljaar besloten we dat ze allebei in een andere kleutergroep verder zouden gaan, met eigen vriendinnen, andere ervaringen, dichtbij elkaar maar toch iets meer los van elkaar. Het was een goed besluit, ik zie haar groeien maar ik zie ook hoeveel moeite het soms kost. Want stel dat je nieuwe vriendinnen krijgt en je zus vindt dat niet leuk, stel dat je iets afspreekt en je zus heeft iets anders bedacht, stel dat er iets met je zus gebeurt en jij weet dat niet. Regelmatig wordt er door het raam of in de deuropening onderhandeld, gehuild, getroost of worden er allerlei onbegrijpelijke maar heel belangrijke conflicten uitgevochten.

Soorten verdriet

Ze pakt mijn hand en samen lopen we verder over het plein. Ik denk aan de avond dat de poes dood ging, twee dagen geleden. We kwamen laat thuis na het bijwonen van een 5 uur durende strafzaak. Een zaak naar aanleiding van ernstig huiselijk geweld binnen een gezin zeer, zeer nabij. Het was een voorlopige punt achter een jaar waarin de gebeurtenissen chaotisch over elkaar heen buitelden.

Dat afgelopen jaar was overweldigend, beangstigend en aangrijpend maar het leidde tot een heel ander soort verdriet dan dat na het plotselinge omvallen van onze poes die dag. Het gemis van de poes voelde ik direct in mijn lijf: De leegte bij het open doen van de deur waar niemand je tegemoet komt. De schrik als de beweging bij het raam een blaadje blijkt te zijn en geen katje dat nu echt naar binnen wil. De herinnering aan de geur van haar vacht, de zwaarte als ik haar oppakte voordat we naar bed gingen of het zich behaaglijk uitstrekken op mijn schoot. Het voelde heel anders dan het verdriet van het afgelopen jaar. Dat was complex, verwarrend en nooit kon ik er helemaal bij.

De dag na deze hectische gebeurtenissen werd ik tijdens mijn wekelijkse yogales overvallen door een onverwachtse lichamelijke sensatie. Nog voor ik mij helemaal had uitgestrekt op mijn yogamatje leek het alsof de poes zich zachtjes nestelde in de holte van mijn zij. Warm en genoeglijk leunde ze tegen mij aan. En als vanzelf begonnen de tranen te stromen. Eerst traag met tussenpozen maar na afloop gingen de sluizen even open en werd ik net zo overspoeld door een groot schokschouderend verdriet als de kleine Noa.

De verschillende soorten verdriet hadden zich vermengd tot een ondeelbare stroom.

Wie leert van wie?

Ik wandel 2 minuten hand in hand met Noa over het plein. Dan voel ik de lichtheid terugkomen in haar greep. Het verdrietige uurtje lijkt voorbij. Haar hand glijdt uit de mijne, nog een laatste blik en weg is ze.

Onvoorwaardelijk stort ze zich weer in het speel-gewoel. Ik zie haar genieten, zonder zelfs maar een spoortje verdriet. Vaak denk ik dat ik de kinderen in mijn klas wel iets te leren heb maar soms ook leren ze mij grote lessen over de kleine dingen van het leven.